Voordelen

TALENTONTWIKKELING

= voor beginners tot gevorderden opstapjes voorzien om tot een volgend level te geraken, zodat een bepaalde aanleg door interactie met andere individuen en stimulerende omgevingen, tot volle wasdom komt.

= een mooie aaneenschakeling van opleidingen, toonmomenten, feedback en coaching zodat spelers kunnen groeien.

= een samenspel van verenigingen, academie en kunsteducatieve aanbieders die bijdragen aan het  traject van proeven, prikkelen, verdiepen en vervolmaken.

Partnerships sluiten, loont. Ze leveren winst op voor de academie, voor de student en de lokale gemeenschap.

Samenwerking ‘onder druk van buitenaf’ is een slechte raadgever. Maar gecoördineerde openstelling biedt heel wat voordelen …

Voor zowel academies als amateurkunsten

  • 2 partijen hebben meer mogelijkheden dan 1, op vlak van ideeën, logistiek, achterban…
  • Je kan kosten delen en samenwerking levert vaak subsidie op.
  • Informeel en formeel leren, vullen elkaar aan. Niet iedereen heeft nl. dezelfde leervraag.
  • Samenwerking zet de mens centraal en minder ‘de instelling’ of initiatiefnemer, nl. academie of vereniging.
  • De culturele dynamiek in een stad of gemeente vaart er wel bij. Dit dwingt gemeentelijke erkenning en ondersteuning af.

Voor academies

  • De onderwijsopdracht is steeds meer een brede maatschappelijke opdracht. Het DKO-decreet anno 2018 stuurt aan op afstemming met de lokale culturele omgeving. Kennis van het amateurkunstenveld is dus een pluspunt voor verdere inspraak en detectie van leerbehoeften.
  • Samen naar buiten komen, kan leiden tot een bredere bekendheid en stevigere inbedding van de academie in het lokale weefsel.
  • Kennismaking en samenwerking kan kunstenaars in de vrije tijd doen inzien dat een leertraject aan het deeltijds kunstonderwijs zinvol is om vaardigheden en technieken uit te diepen. Het bevordert de instroom.
  • De DKO-leerling komt in contact met het verenigingsleven (vaak het kloppend hart van een bruisende gemeente). Kennis van en oriëntatie binnen het culturele landschap worden makkelijker (cfr. ‘leerloopbaanbegeleiding’).
  • Een andere context (die van het amateurkunstenleven) biedt ook leerkrachten kansen om bij te leren.
  • Samen bereik je een groter en ander publiek. Straffe toonmomenten zetten aan om zelf actieve participatie te overwegen.
  • Ook na het beëindigen van de opleiding kan je blijven prikkelen. Via lezingenreeksen, masterclasses, terugkomactiviteiten of workshops.

Voor verenigingen

  • Een amateurgroep heeft baat bij frisse inzichten en diepgaande methodieken vanuit deeltijds kunstonderwijshoek. Ze tillen het niveau vaak tot een hoger artistiek niveau.
  • De organisatie van een toonmoment vergt veel uitvoerend werk. Vele handen maken licht werk.
  • Een academie telt heel veel leerlingen, onderlegd in verschillende disciplines. Artistieke cross-overs werken uitdagend.
  • De stevige omkadering (infrastructuur, logistiek, …) biedt kansen voor amateurkunstenaars die niet zelf over alles beschikken (delen is het nieuwe hebben).

Voor lokale besturen

  • Steden en gemeenten worden aangespoord om lange termijn uitdagingen te formuleren over beleidsdomeinen heen. Sterke strategieën vragen om verwevenheid van actoren.
  • Lokale besturen zijn voortdurend op zoek naar kruisverbanden. Niet alleen vanwege de efficiëntie, maar ook omwille van de impact ervan.
  • Intense samenwerking vermengt onderwijs met jeugd, cultuur en het beste geval ook welzijn en ruimtelijke ordening.
  • De artistieke en creatieve sectoren vuren ook ‘harde’ domeinen aan om out of the box te gaan denken.