Geprikkeld door de beleidsveranderingen waarbij het niveaudecreet deeltijds kunstonderwijs (°2018) vorm geeft aan 10 krachtlijnen/doelstellingen (o.a. het stimuleren van de samenwerking tussen deeltijds kunstonderwijs en amateurkunsten, culturele sectoren, kunsteducatieve organisaties en kunstinstellingen), werkte Michiel Bolliou een masterthesis uit over ‘Collaboration partnerships between part-time arts education and amateur arts’.

Deze studie focust op:

  • interactie tussen deeltijds kunstonderwijs en amateurkunsten
  • beweegredenen waarom academies partnerships aangaan
  • factoren die de samenwerking beïnvloeden

 

Afbakening en aanpak:

  • interviews met 22 directeurs van 21 academies
  • muziek, woord, dans en beeldende kunst
  • in Oost-Vlaanderen

 

Bevindingen:

  • er is goodwill om samen te werken, velen tasten de opportuniteiten af
  • men vertrekt vanuit een gemeenschappelijke belang: nl. kunst en kunstparticipatie in de picture zetten
  • er ontbreekt echter een structureel kader (visietekst of overeenkomst) waarop academies hun samenwerking met lokale spelers enten
  • de ambitie van het decreet, m.n. het waarom en wat te verstaan onder ‘samenwerking’ DKO-AK, is nog te onduidelijk voor vele academies
  • er zijn factoren die de samenwerking bevorderen, maar wat met factoren die de samenwerking hinderen?
  • samenwerking biedt voordelen voor de leerlingen, maar ook voor de school en voor de hele lokale gemeenschap
  • er is nog marge voor verbetering, maar met dit decreet is alvast een fundament gelegd

Neem de volledige scriptie door.